Opzeg van mijn huurovereenkomst


Ik wil stoppen met huren

U kunt de huur stopzetten op 3 manieren:

  • door een aangetekende brief te sturen naar de huisvestingsmaatschappij. Deze brief moet ondertekend zijn door alle huurder(s)die het huurcontract hebben ondertekend;
  • via het opzegformulier dat u bij de huisvestingsmaatschappij kunt ondertekenen;
  • via de gerechtsdeurwaarder.

Vermeld in uw brief uw nieuw adres, uw nieuw telefoonnummer en uw bankrekeningnummer. Dat is nodig voor de eventuele terugbetaling van de waarborg.

 

Hoe lang is mijn opzegtermijn ?

De wet verplicht een opzegtermijn van drie maanden. Als u naar een woonzorgcentrum of residentiële opvang voor personen met een handicap verhuist, bedraagt de opzegtermijn één maand.

De opzegtermijn gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op het moment dat de KBM uw opzeg ontvangen heeft.

Bij overlijden van de langstlevende huurder wordt het huurcontract van rechtswege ontbonden.

 

Wat gebeurt er na verzending van mijn opzegbrief ?

Na ontvangst van de opzeggingsbrief, zal KBM dit schriftelijk bevestigen. De KBM maakt samen met u een afspraak voor de overhandiging van de sleutels. Een medewerker zal dan ter plaatse komen om de toestand van de woning na te gaan (aan de hand van plaatsbeschrijving) en samen met u de meterstanden van de nutsvoorzieningen noteren.

De KBM voert voorcontroles uit om u te informeren over uit te voeren herstellings- of aanpassingswerken. Dit geeft u de mogelijkheid om zelf de nodige aanpassingen aan de woonst uit te voeren.

Tijdens de opzegperiode laten wij kandidaat-huurders naar de woning komen kijken. U moet ons hierbij helpen en de mensen binnenlaten. We maken hier samen afspraken over.

U mag nooit de sleutels rechtstreeks aan de nieuwe huurder overhandigen. Bezorg ze altijd en alleen aan uw huisvestingsmaatschappij.

 

Laat de woning in goede staat achter

De gehele woning dient in een propere staat achtergelaten te worden. Dit geldt ook voor de zolder en de kelder die eveneens ontruimd en gereinigd dienen te worden.

Laat zeker NOOIT de nutsvoorzieningen afsluiten. Indien dit toch gebeurt, zijn alle kosten voor af- en aansluiten ten laste van u. Het invullen van de overnameformulieren van water, gas en elektriciteit wordt samen met de KBM gedaan. 

Alle onderhouds- en herstellingswerken ten laste van de huurder moeten uitgevoerd zijn. Klik hier voor een overzicht.

Bij het verlaten van de woning bezorgt de huurder eveneens een recent attest (niet ouder dan 3 maaanden) van kuisen en doorspoelen van de huisriolering en de septische put. Het kuisen dient te gebeuren door een gespecialiseerde firma die gevraagde attest kan afleveren.

Niet alleen de woning maar ook de tuin en de garage met inrit dienen opgeruimd en in goede staat achtergelaten te worden.

Onwettige bouwwerken of bouwwerken waarvoor de KBM geen toestemming verleende dienen afgebroken te worden. Afdaken, veranda’s en carports dienen ook steeds afgebroken te worden bij het verlaten van de woning. Indien de huurder een tuinhuis of een omheining oprichtte met schriftelijke toestemming van de KBM en de nieuwe huurder wenst deze over te nemen kan moet deze niet afgebroken te worden, anders wel.

Een nieuwe huurder is niet verplicht om een vergoeding te betalen voor overname van uitgevoerde werken.

 

De plaatsbeschrijving en de waarborg

Op het einde van de opzegperiode komt een medewerker van de KBM langs voor het overlopen van de plaatsbeschrijving, die we ook al maakten toen u in de woning kwam wonen. De vertrekkende huurder geeft aan deze medewerker ook alle originele (en bijgemaakte) sleutels. Indien geen beschadigingen worden vastgesteld die ten laste zijn van u als huurder en er geen achterstallige betalingen zijn, zal de KBM de waarborg (+ wettelijke intresten) terugstorten op uw rekening. 

In principe zal de terugstorting van de huurwaarborg bij huurders zonder huurschade gebeuren binnen 1 maand na vertrek van de huurder. Bij huurders met huurschade zal dit langer duren en slechts nadat de herstelwerkzaamheden zijn afgerond en verrekend. Indien de kosten voor herstelling van de huurschade hoger oplopen dan de huurwaarborg zullen deze meerkosten extra aan de vertrekkende huurder worden aangerekend en teruggevorderd.

De huurders van appartementen en meergezinswoningen dienen bovendien een verklaring ondertekend terug te sturen dat zij akkoord gaan met een latere afrekening voor de kosten van de gemeenschappelijke diensten. De huurwaarborg wordt niet teruggestort vooraleer deze verklaring bij de KBM is aangekomen.