Huurders en bijwoners 


Vanaf 1 januari 2020 maakt de wetgeving een onderscheid tussen huurders en bijwoners:

  • huurders: Dit is de persoon die zich opgaf als referentiehuurder en de persoon die hiermee gehuwd is, er wettelijk mee samenwoont of er de feitelijke partner van is én mee in de sociale woning woont. Deze persoon moet eveneens aan de toelatingsvoorwaarden voldoen;
  • bijwoners: Alle andere personen die uw sociale woning bewonen (kinderen, ouders, andere verwanten, …). Bijwoners hebben geen rechten of plichten, moeten de huurovereenkomst niet ondertekenen en moeten niet voldoen aan voorwaarden. Het inkomen van meerderjarige personen die duurzaam bijwonen telt mee voor de huurberekening. 

Bijwoners kunnen geweigerd worden als:

  • ze al een andere sociale woning hebben gehuurd en daar hun huurdersverplichtingen niet nakwamen;
  • de woning te klein is voor nog een bijkomende persoon.

Duurzame of tijdelijke bijwoonst

Huurders en bijwoners kunnen, mits toestemming, op een duurzame of een tijdelijke wijze komen bijwonen bij de huurder.

Duurzame bijwoonst

– Wil een echtgenoot of wettelijke partner ná de start van de huurovereenkomst toetreden dan moet hij samen met de referentiehuurder voldoen aan alle toelatingsvoorwaarden, waaronder de inkomensvoorwaarde. Anders kan de echtgenoot of wettelijke partner niet toetreden.

–  Wil de feitelijke partner na de start van de huurovereenkomst in de woning wonen dan moet hij na één jaar duurzame samenwoonst samen met de referentiehuurder voldoen aan de toelatingsvoorwaarden. Is er niet voldaan, dan moet hij de huurwoning verlaten. De referentiehuurder mag niet toelaten dat zijn partner in de woning blijft wonen.

– Wil een bijwoner duurzaam komen bijwonen dan moet hij niet voldoen aan de inschrijvings- en toelatingsvoorwaarden.

 De toetreding mag niet leiden tot een sociale huurwoning die een onaangepaste woning is.

De huurder dient deze bijwoonst te melden aan de KBM. De inkomsten van de partners en bijwoners tellen mee tenzij het gaat om meerderjarige kinderen die nog kinderbijslag genieten.

Tijdelijke bijwoonst

De Vlaamse Wooncode spreekt ook over personen die tijdelijk komen bijwonen bij de huurder.

De huurder is verplicht om deze tijdelijke bijwoning te melden.  Hij mag ook niet toestaan dat de bijwoning leidt tot een sociale huurwoning die een onaangepaste woning is.

De huurder zal aan de KBM duidelijk moeten communiceren wat de precieze bedoelingen zijn van de bijwoner en hoe lang (termijn) de bijwoning duurt. Als een persoon maximaal 1 week op jaarbasis komt logeren bij een huurder moet dit niet gemeld worden bij de KBM.

Ingeval een bijwoning langer duurt dan 2 maanden of ingeval de afgesproken termijn niet wordt gerespecteerd, beschouwt de KBM deze bijwoning als een duurzame bijwoonst. Indien een tijdelijke bijwoning niet door de huurder gemeld wordt, beschouwt de KBM deze bijwoning ook als een duurzame bijwoonst.